opc_loader
Belgische kunstenaar Jacob Smits

Jacob Smits

Jacob Smits was een Belgische kunstenaar geboren in 1856 te Rotterdam en gestorven te Achterbos Mol in 1928.  Hij was een schilder, tekenaar en etser. Opleiding aan de Academie te Rotterdam. Werkte een tijdje in het decoratiebedrijf van zijn vader. Verdere opleiding aan de Academie te Brussel o.l.v. J. Stallaert (1874-1875). Keerde terug naar Nederland en studeerde van 1870 tot 1880 nog verder aan de Academie te München. Huwde in 1882 met zijn nichtje, Antje Doetje Kramer en vestigde zich te Amsterdam. Kreeg belangrijke opdrachten, o.m. de decoratie van de vestibule van het oude Museum Boymans-Van Beuningen. Werd directeur aan de nijverheids- en decoratieschool te Haarlem. Schilderde in Drente en Nederlands-Limburg, had contacten met o.m. A. Mauve en A. Neuhuys (Haagse School). Huwde in 1889 met Malvina De Deyn en kwam naar het onbekende en afgelegen Achterbos afgezakt, waar hij tot aan zijn dood zou blijven. In 1899 overleed Malvina en in 1901 huwde hij met Josine Van Couteren. Verwierf in 1902 de Belgische nationaliteit. Schilderde te Achterbos het leven van de boeren, het landschap, Bijbelse taferelen in een Kempisch decor en portretten. Drong in zijn werken door tot het wezen van de arme boerenbevolking en hun diep ingeworteld geloof. Tot 1900 werkte hij vooral met aquarel, pastel en houtskool. Aanvankelijk was de invloed van de Haagse schilders nog merkbaar. Talrijke Bijbelse en profane voorstellingen werden tegen een gouden achtergrond afgebeeld. In vele werken o.m. portretten van Malvina, viel een voorliefde voor clair-obscureffecten op. Werkte vanaf 1900 vooral met olieverf. Na de Eerste Wereldoorlog ontstonden de grote lumineuze doeken. Hij schiep in die werken een eigen wereld, met als essentie dat innerlijk en vormgevend licht. Hij beschouwde dit als een materie en poogde het door dikke, korrelige verfmassa’s een maximale intensiteit te verlenen, aldus vibrerende lichteffecten bereikend. De onderwerpen werden tot hun meest elementaire vormen herleid en benaderden vaak het abstracte. Belijdde in zijn werken een primitief mysticisme en sommige ervan kunnen als een synthese van de Kempen beschouwd worden. Begon pas intensief te etsen toen hij zowat vijftig was. Zijn eenvoudige etstechniek past uitstekend bij de eenvoudige onderwerpen als landschappen en dorpstaferelen met een paar figuren en interieurs. In enkele jaren ontstonden een negentigtal etsen. Was vanaf 1905 lid van Kunst van Heden. Jakob Smits-Museum te Mol. Werk o.m. in de Musea te Antwerpen, Brussel, Elsene, Luik, Gent, Brugge, Kortrijk. Vermeld in BAS I en Twee eeuwen signaturen van Belgische kunstenaars. (PIRON)